John van der Starre
‘Paarden zijn een rode draad in mijn leve
n’

John van der Starre
‘Paarden zijn een rode draad in mijn leven’

John van der Starre | Den Haag, 1957

John woont in Doorn en is registeraccountant en bestuurskundige. Na een carrière in de accountancy bij onder andere PricewaterhouseCoopers, AccoN Accountants en Accon-AVM, is hij tegenwoordig als commissaris en boardconsultant actief. Hij combineert paardenliefde met financiële expertise, kennis van governancestructuren met en bestuurservaring in de private en semipublieke sectoren. John is 35 jaar getrouwd en heeft een dochter van 33 en een zoon van 30.

‘Ik heb jaren in de financiële dienstverlening gewerkt. Van huis uit ben ik registeraccountant. Met veel plezier heb ik de accountancy gewerkt, maar of ik dat nog zo zou ervaren, is de vraag. Zo leuk is het niet meer. De aansprakelijkheid en de claims liggen op de loer. Een opinie wordt afgedekt met tig slagen om de arm. Een direct antwoord krijg je vaak niet meer van een accountant. Elk advies komt pas na overleg met vaktechniek. De zelfstandige oordeelsvorming is er niet langer. Dat vind ik jammer voor de professie.


In 2002 – ik was toen partner bij PricewaterhouseCoopers – werd ik gevraagd voor het regionale kantoor AVM, met een stuk of vijftien kantoren in Friesland, dat marktgerichter moest worden. Daar heb ik geleerd hoe invloedrijk cultuur kan zijn in een organisatie. De richting die ik op wilde, werd niet zonder meer aangenomen. “We doen dit al dertig jaar zo,” werd me verteld. Dat was ik niet gewend. De club is uiteindelijk gefuseerd en is nu een van de toptienspelers in Nederland.


Dit proces opende wel mijn ogen voor de culturele onderstroom in een organisatie en dat heeft me geïnspireerd om de master Organisatie, cultuur en management te gaan doen. Sinds 2007 doe ik interim-bestuurswerk en commissariaten. Ik heb ook een boek geschreven over het commissariaat, Drama in de boardroom. Dat vormde de opstap naar het proefschrift waar ik mee bezig ben over de wijsheid van de commissaris in besluitvorming.

“Ik wil graag een bijdrage leveren aan de paardensport”

De paarden zijn een rode draad in mijn leven. Ik ben vrij laat gaan paardrijden, begonnen bij een manege. Bij PricewaterhouseCoopers kwam ik aanraking met polo. Ik was medeoprichter van Poloclub Wassenaar. Nadat ik met polo was gestopt, ben ik terechtgekomen bij de Koninklijke Nederlandsche Jacht Vereeniging en ik jaag sindsdien achter de meute. Dat doe ik nu al een jaar of dertig. Daar geniet ik van. Ik was er ook penningmeester en tot vorig jaar was ik bestuurslid bij Outdoor Gelderland. Op dit moment ben ik voorzitter van de Renswoude Horse Trials.

Met de jacht kom je in de mooiste gebieden van Nederland, op terreinen waar je normaal niet komt. Het is gezellig en er zit geen competitief element in. Je moet als paard en ruiter vertrouwen op elkaar. Zo zet ik mijn paarden ook in. Ik heb twee Ieren voor de jacht, echt leuke beesten. De zwaarte van de jacht bepaalt welk paard ik meeneem. Het ene springt moeiteloos alles en het andere is wat voorzichtiger. Mijn trouwe ruin is nu twintig. Met hem heb ik dertien jaar gejaagd en nu hoeft hij dat van mij niet meer. Nu rijden we lekker buiten.


Ik ben ook lid van een gezellige vriendenclub die van oktober tot en met mei elke maand samen een rit maakt, die een lid dan uitzet, met een hapje eten en een gezellige avond.


Ik wil graag een bijdrage leveren aan de paardensport op weer een hoger plan tillen. Mijn bestuursfuncties zijn een mooie aanloop naar deze bestuursrol. In mijn kennismakingsgesprek met de vertrouwenscommissie heb ik ook gezegd dat ik gemengd tegen de KNHS aankijk. Het imago naar de wedstrijdorganisaties toe is niet vlekkeloos. Ik denk dat de KNHS meer kan doen richting die organisaties. Dan hoeven ze niet zelf het wiel uit te vinden. Het dienstverleningsaspect mag dus verder worden ontwikkeld. De relatie tussen de ruiter en de organisatie bestendigen, daar wil ik me hard voor maken.

De wens is een bestuur dat wat meer op afstand staat. Dat past bij mij. Ik ben geen detaillist. Ik geef de grote lijnen aan en geef vervolgens het vertrouwen. Aan politieke spelletjes heb ik een hekel. Ik ben van het open vizier. Als er dingen zijn, leg ik ze op tafel. Dan kun je er samen uit komen, ook als het niet prettig is. Dat moet je niet uit de weg gaan, maar altijd met respect en een open blik en zonder eromheen te draaien. Als bestuurder zit je nou eenmaal niet altijd in de situatie dat het allemaal hosanna is.’