5 VRAGEN AAN

Regioconsulent
Johan Castelijns

Sinds begin 2017 zet Johan Castelijns zich in als KNHS-regioconsulent voor zuidoost-Brabant. Zijn missie? De buitenrijgebieden en openbare wegen toegankelijk houden voor alle paardensporters. Een nadere kennismaking met deze bevlogen regioconsulent.

Hoe ziet je dagelijks leven eruit?

‘In het dagelijks leven ben ik werkzaam als freelancer in de horeca, bij recreatiebedrijven en voor evenementen. Ik doe opdrachten en tijdelijke projecten in de horeca in de breedste zin van het woord. Dat wil zeggen dat ik bijvoorbeeld help bij het opstarten van horecabedrijven en ook evenementen organiseer. Mijn grootste hobby zijn de paarden. Ik ben opgegroeid tussen de paarden en pony’s op het bedrijf van mijn ouders. Ze fokten vroeger altijd tuigpaarden en deden mee aan evenementen voor traditioneel gerij en recreatieve ritten. Mijn broer, zus en ik reden dan wedstrijden met de pony’s. Hierdoor gingen we ons later meer richten op rijpaarden, in eerste instantie allround paarden, later vooral springpaarden waarmee we nu ook deelnemen aan keuringen. Onze eigen fokproducten worden door springruiters uitgebracht op wedstrijden.’

‘Mijn grootste hobby zijn paarden.

Ik ben tussen ze opgegroeid’

En nu ben je regioconsulent voor de KNHS. Hoe is dat gegaan?

‘In de gemeente Bladel waren enkele jaren geleden problemen met de toegankelijkheid van bosgebieden in de regio en daar is toen een werkgroep voor opgestart. Vanuit die werkgroep had ik al eens contact gehad met de KNHS-regioconsulent over het aanleggen van nieuwe  ruiterknooppuntenroutes, maar daar werd weinig actie op ondernomen. Ik kreeg de vraag vanuit Ermelo of ik niet de taak van regioconsulent in zuidoost-Brabant op me wilde nemen en zo is het eigenlijk begonnen. Vanuit de functie van regioconsulent onderhoud ik nu allerlei contacten met Staatsbosbeheer, landschappen, gemeentes, provincie en andere overheidsinstellingen om alle buitengebieden in de regio toegankelijk te houden voor de paardensporters.’

Waarom vind je het belangrijk om je hiervoor in te zetten?

‘Als paardensportliefhebber vind ik dat er plaats moet zijn en blijven voor paarden in de openbare ruimte. Vaak word je als regioconsulent pas te laat ingeschakeld, bijvoorbeeld als een route of buitenrijgebied wordt afgesloten. Ook komt het voor dat een gemeente een nieuwe Algemene Plaatselijke Verordening (APV, red.) aanneemt die invloed heeft op ruiters, zonder overleg vooraf. Zo had een aantal gemeentes bij ons in de regio besloten dat mest op de openbare weg direct moest worden opgeruimd. Het is voor veel ruiters en menners natuurlijk niet mogelijk om dat direct te doen. Ik ben het gesprek aangegaan met de gemeentes om de APV aan te passen. Het is gelukt om de opruimplicht te verbreden naar ‘zo spoedig mogelijk’. Dat geeft ruiters en menners in ieder geval wat meer de tijd om alles op te ruimen. Het is fijn dat je zoiets voor elkaar krijgt. Het zou nog mooier zijn als we al eerder worden betrokken bij overheidsprojecten die ook betrekking hebben op ruiters. Verandering in regelgeving wordt vaak ambtelijk voorbereid. Door onbekendheid van buitenstaanders met de paardensport worden in de praktijk soms lastig uitvoerbare beslissingen genomen. Daarom blijf ik lobbyen en me inzetten voor de recreatiesport.’

‘Buitenrijden doe je echt niet alleen in het bos of op het strand.

Bijna allemaal maken we wel eens gebruik van de openbare wegen’

Voor welke projecten zet jij je als regioconsulent nog meer in?

‘Alle regioconsulenten zijn nauw betrokken geweest bij de totstandkoming van de nieuwe website buitenrijden.nl, het informatieplatform voor paardensporters met alle officiële ruiter- en menroutes in heel Nederland. Wij voorzien de KNHS vanuit de regio’s van input op het gebied van recreatief rijden en denken mee over hoe zo’n website vorm moet krijgen. Daarnaast onderhouden we intensief contact met Staatsbosbeheer over het project Adopteer je Route, dat ook te vinden is op buitenrijden.nl. De provincie Noord-Brabant loopt daarin zeker voorop. Afgelopen januari vond bij ons een pilot plaats van Adopteer je Route en die leidde tot veel positieve reacties. Tientallen lokale betrokken ruiters staken de handen uit de mouwen om het Leenderbos op te schonen en de ruiterpaden te onderhouden. Het is nu zaak om dat positieve gevoel vast te houden en het project verder op te pakken. Daarnaast ben ik druk bezig met een groot project rond de aanleg van een ruiterknooppuntennetwerk in de Kempen. Dit netwerk realiseren we in samenwerking met de hippische ondernemers uit de regio en hiervoor hebben we een aanvraag lopen voor subsidie van de EU en de provincie. De ondernemers ondersteunen de aanleg van het netwerk plus dat ze aanspraak kunnen maken op een gedeelte van de subsidie om eigen faciliteiten uit te breiden voor toeristische doeleinden. Zo creëren we samen een totaalaanbod voor het paardentoerisme in Noord-Brabant.’

Wat wil je graag nog meer bereiken?

‘Meer bewustwording bij ruiters en menners van de recreatiesport, bij ruiters uit alle paardensportdisciplines, op ieder niveau. Het is in ieders belang dat we prioriteit geven aan de toegankelijkheid van het buitengebied voor paarden, of je nu met je paard langs de weg rijdt naar de rijvereniging of een spoorwegovergang moet oversteken richting een andere stal. Buitenrijden doe je echt niet alleen in het bos of op het strand. Bijna allemaal maken we wel eens gebruik van de openbare wegen. Dat lijkt nu zo vanzelfsprekend, maar dat is het zeker niet. Denk maar eens aan spoorwegovergangen en buitenrijgebieden die worden gesloten of nieuwe bruggen die worden aangelegd zonder dat rekening wordt gehouden met ruiters en menners. Om de buitenruimtes ook in de toekomst voor ons toegankelijk te houden, moeten we nu actie ondernemen en vooral samenwerken, Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten, landschappen, waterschappen, KNHS, rijverenigingen, regio’s, gemeentes én individuele ruiters. We moeten de handen ineenslaan en ons inzetten, niet alleen voor het behoud van ruiter- en menpaden, maar vooral voor het gebruik van de openbare ruimte met onze geliefde paarden.’

‘We moeten de handen ineenslaan voor het gebruik van de openbare ruimte met onze geliefde paarden’